Jordan B. Peterson – waardevolle bondgenoot tegen maatschappelijke degeneratie en radicaal feminisme, of een gnostische filosoof met een Messias-complex?

De Canadese persoonlijkheidspsycholoog, politicoloog, cultuurcriticus en filosoof Jordan Peterson is inmiddels bij vrijwel iedereen bekend. Het internet staat vol met video’s waarin hij, op effectieve wijze, linkse activisten, progressieve journalisten en opiniemakers, en sociale wetenschappers die pseudowetenschappelijke prietpraat aan de man brengen, de mond snoert.

Niet alleen dat, hij heeft ook nog eens ruim 300 uur aan door hem gegeven colleges op zijn Youtubekanaal, uiteenlopend van zaken als sekseverschillen in doorsnee persoonlijkheidskenmerken, verschillen in inkomen tussen man en vrouw, de psychologische achtergrond van politieke denkbeelden, een analyse van totalitaire regimes op zowel linker- als rechterzijde, en vrije meningsuiting.

Hij is een begenadigd spreker, iemand met een haast magnetisch charisma, een klasse verhalenverteller, en iemand die kan putten uit een enorme bak parate kennis over talloze onderwerpen, inclusief religie en cultuur.

Tevens schroomt hij niet om vriendschappelijke contacten te onderhouden met controversiële rechtse personen, zoals Stefan Molyneux en Milo Yiannopoulos.

Hij maakt gehakt van anti-familie-propaganda van feministes, en hun napraters onder het journaille en in academia. Keert zich fel tegen linkse indoctrinatie in het onderwijs en de media. Hij omarmt de westerse beschaving, verwijst in zijn lezingen naar klassieke muziek, literatuur, het christendom, en laat zich zelfs af en toe ontvallen dat hij zichzelf als conservatief en een traditionalist ziet.

Zijn lezingen verkopen grote theaterzalen uit, en trekken tot wel 3.000 bezoekers per avond.
Hij heeft ook gespeecht op de conferentie van De Nederlandse Leeuw, waarin van tevoren werd aangekondigd dat er een patriottische boodschap, kritisch over immigratie, zou worden uitgedragen.

Echter, hij keert zich tevens tegen elke vorm van identitair gedachtegoed, inclusief volksnationalisme. Hij verwerpt elke notie van collectivisme en het individu is voor hem heilig. Hij erkent niet het nut van het defensief gebruiken van identiteitspolitiek, ook niet door conservatieven en nationalisten die pogen om de balans, die door 50 jaar lange linkse infiltratie van onderwijs en ambtenarij, en 100 jaar existentialistische en postmodernistische filosofie, is verstoord, recht te zetten.

Ons rest dus de vraag, of we hem moeten beschouwen als een medestander of iemand die onze zaak schade berokkent. De in Finland werkende Britse hoogleraar bio-antropologie en religiewetenschap, en tevens hoofdredacteur van Mankind Quarterly, Edward Dutton, wijdde aan hem een presentatie getiteld: ‘Jordan Peterson – Not the Messiah, just a very Gnostic boy’ (verwijzend naar een citaat uit Monty Python’s klassieker ‘Life Of Brian’. Iedereen kan deze op zijn Youtubekanaal, The Jolly Heretic, terugkijken en het is zeer zeker een aanrader.

Dr. Dutton merkte op, dat het gedachtegoed dat Peterson voor staat, evolutionair maladaptief is, omdat het leidt tot minder positief én negatief etnocentrisme, iets dat nadelen heeft in een tijd waarin wij moeten opboksen tegen een immer groeiend en direct met ons concurrerend, bevolkingsdeel bestaande uit mensen die, o.a. vanwege hun islamitische achtergrond (een tribale en dus zeer etnocentrische religie) juist sterk collectivistisch en etnocentrisch zijn.

Tevens gaf hij aan dat Peterson niet het lef heeft om bepaalde taboe-onderwerpen aan te snijden, die hem vanwege zijn grote mainstream populariteit óf te risicovol zijn, óf die zijn eigen boodschap ondermijnt, bijvoorbeeld de toch vrij duidelijk bestaande link tussen etniciteit en criminaliteit, of bijvoorbeeld het negatieve causale verband tussen intelligentie en vruchtbaarheid – waarbij de dommen meer kinderen krijgen dan de slimmen.

Tevens gaf hij aan hoe het hem op viel dat Peterson zichzelf haast als een redder, een Messias, lijkt te zien, en typisch gedrag vertoont van iemand die zich zo ziet, zoals het met veel plechtige woorden brengen van ‘wandtegeltjeswijsheden’, en het naar zijn idee opvallend vaak aanhalen van citaten uit fanmail, verwijzingen naar de vele mensen die hem spontaan aanspreken en claimen dat zijn boodschap hun leven heeft gered, en naar de vele selfies met fans waar hij op straat aan deel neemt.

Niet alleen dat, maar hij analyseerde Peterson’s ideologie als volgt: bescheidenheid, stoïcisme, een obsessie met zowel waarheid als moraliteit, individualisme, en altruïsme. Oftewel, een vrijwel complete, herkauwde, versie van de denkbeelden van zowel verdwenen Gnostische Christelijke sektes, als hieraan verwante filosofieën zoals de oude Iraanse religie van het Manicheïsme. Wat hebben deze gedachtegangen gemeen? Ze zijn verdwenen. Conclusie: mensen die leven naar deze denkbeelden, kunnen niet op lange termijn blijven opboksen tegen hun concurrenten in deze harde wereld, waarin evolutionair maladaptieve leefstijlkeuzes, of dat nu gaat om denkbeelden die de vruchtbaarheid verminderen, etnocentrisme doen afnemen, of die leiden tot verminderde kansen op succes in het leven in financieel opzicht, etc.

Ik kan mij persoonlijk goed in deze kritiek vinden, met als kanttekening dat ik niet geloof dat iemand die zeer uitgesproken pro-familie is, en die expliciet aanmoedigt dat het prima is om je gezin en familie boven je loopbaan te verkiezen, in deze tijd van feministische indoctrinatie, genderloosheidspropaganda, en het propageren van homoseksualiteit, een negatieve impact op de vruchtbaarheid van zijn volgers zal hebben.

Het lijkt mij dan ook zaak om Peterson en zijn gedachtegoed niet volledig onder de bus te gooien. Is hij een medestander? Op tal van fronten absoluut, hij strijdt tegen links, hij strijdt tegen feminisme, strijdt tegen degeneratie zoals middelengebruik en ander zelfdestructief gedrag. Hij is in zijn algemeen iemand die het idee van dat gelijkheid het waard is om na te streven, verwerpt, en daarmee op een cruciaal punt een belangrijk ideologisch geestverwant van ons is.

Maar wij dienen te aller tijden in ons achterhoofd te houden dat zijn afkeer van identitair denken inderdáád een groot probleem is. Het is zeker waardevol om zijn lezingen als psychologieprofessor te volgen. Zijn kritieken op het feminisme als basis voor onze eigen argumenten tegen deze ideologie te gebruiken. Zijn waardering voor de voor onze maatschappij zo belangrijke christelijke traditie en westerse kunst en cultuur, als inspiratiebron te omarmen.

Máár: niemand moet zijn of haar ogen sluiten voor zijn fundamentele tekortkomingen als filosoof en als potentieel gedachteleider voor een conservatief-patriottisch georiënteerde ideologie en samenleving. We moeten dan ook ons best doen om voor onszelf met concrete argumenten tegen de problematische aspecten van zijn gedachtegoed op de proppen te komen, die ook er op z’n minst toe leiden dat aanhangers van Jordan Peterson ons zo min mogelijk actief tegenwerken, en zo mogelijk, hen aan boord van onze beweging te krijgen. Ik spreek hier uit het perspectief van iemand die zélf via Jordan Peterson is vrijgemaakt van linkse brainwashing, maar er uiteindelijk achter kwam dat de beste man slechts een deel van de antwoorden had, en nog steeds niet alle hulpmiddelen kon aanreiken die wij nodig hebben om de bedreigingen jegens onze beschaving het hoofd te bieden.

Men kan ook prima vinden dat gewelddadige agressie ongewenst is, en tegelijkertijd zelfverdediging, tot het gebruik van dodelijk geweld aan toe, goedkeuren en dit zelfs als morele plicht zien. Dan kan men ook prima vinden dat identiteitspolitiek offensief gebruiken, zoals links doet, ongewenst is, maar het defensief gebruiken van identiteitspolitiek om ons volk, ons eigen vlees en bloed, en onze cultuur te behoeden van onder de voet gelopen worden door ons vijandig gezinde tribaal denkende indringers, niet alleen acceptabel, maar zelfs een morele plicht.

Simon van der Steen

2 thoughts to “Jordan B. Peterson – waardevolle bondgenoot tegen maatschappelijke degeneratie en radicaal feminisme, of een gnostische filosoof met een Messias-complex?”

  1. Ik ben blij met deze nuancering. Ik was samen met Dr. Alexander Wolfheze, auteur van o.a. ‘ The Sunset of Tradition and the Origin of the Great War’ komen luisteren naar Peterson bij ‘ De Nederlandse Leeuw’ en dachten dat hij zuch opportuun afzijdig hield van ethno-/identitaire politiek, gelet op de sponsoren van de atlantische bijernkomst. Te alleN(!) tijdeN(!) moet men guru’s kritisch tegemoet zien, ook ethnocentristen en identitaire ideologen. Zij zijn zoals vaak.met idealisten wars van onontbeerlijke machtspolitiek. Tenslotte een kritische noot: Men kan geen ‘propaganda voor homosexualiteit’ bedrijven. Na 1 of 2 sexuele ervaringen weet zowat iedereen wel wat al dan niet goed aanvoelt, alle subversieve agit-prop en porno ten spijt.

    1. Welke atlantische sponsors waren dat?

      Over propaganda voor homosexualiteit: daar denken Robert Reilly, auteur van van ‘Making Gay Okay’ en Michael L. Brown, auteur van ‘A Queer Thing Happened To America’ anders over. Beide auteurs maken op overtuigende wijze duidelijk dat er een activistische agenda zit achter acceptatie van homosexualiteit en in brede zin, LHBTIX(en de rest van het alfabet).

Reacties zijn gesloten.