Innerlijke groei en strijd van een Nationalist

0
470

“Wat houdt het in om samoerai te zijn? Om u volledig te wijden aan het volgen van een verzameling morele principes, om de stilte in uw geest na te streven en om u te bekwamen tot meester van het zwaard.” -Kapitein Nathan Algren, 1877

Als u iemand vraagt waar het nationalisme voor staat zal u vanaf een zeker moment ‘chauvinisme’ en ‘pattriotisme’ terughoren, of zelfs ‘civiel nationalisme’, maar de vorm die ik hier wil behandelen is de meest zuivere vorm: etnonationalisme of volksnationalisme (zie: een metafysische beschouwing op volksnationalisme).

De volksgemeenschap als fundament

Een volksnationalist beschouwt zichzelf als onderdeel van een volksgemeenschap. Er bestaat tussen de leden van deze volksgemeenschap een historische, geografische, culturele maar bovenal genetisch onbreekbare band. Een etnonationalist leeft met het bewustzijn – beter gezegd leeft in het bewustzijn – van die band. Als lid van Studiegenootschap Erkenbrand bestuderen we de wereld om ons heen. Wij kijken ook naar het etnonationalisme van andere volken en culturen. Een van de systemen die het individuele spirituele leven en de maatschappij als geheel vormgeven is de islam. Iedereen kent wel de term ‘jihad’ , hetgeen (heilige) oorlog of strijd betekent.

De meeste mensen zullen er vanuit gaan dat ‘jihad’ altijd een strijd in de gangbare betekenis van het woord betekent, namelijk de strijd tegen de ‘ongelovigen’ of ‘kafir’ in het Arabisch. Echter, er is ook een innerlijke jihad. Een moslim die afdwaalt van de weg naar een vroom leven conform de vijf zuilen van islam dient het gevecht met zichzelf aan te gaan. Een vergelijkbare innerlijke strijd kennen wij ook binnen het christendom. Na de doop, waarbij de gelovige zijn erfzonde laat wegwassen met water, begint de echte strijd om een vroom en christelijk leven te lijden. Het geloof in Jezus Christus en God belijden is niet genoeg, van de zondaar wordt verwacht dat hij zijn leven na de doop en belijdenis in positieve zin verandert. Jezus zond zijn discipelen dan ook heen met de woorden: “Ga nu en zondig niet meer.” Het is die innerlijke strijd tot zelfverbetering die ik hier nader wil beschouwen in de context van het leven van een etnonationalist.

Nationalisme zonder innerlijke strijd

Voor de chauvinist volstaat het om op te scheppen over uiterlijke zaken van het land van herkomst. Uit géén ander land komen zulke goede auto’s als uit… Géén ander land heeft een voetbalelftal zo goed als… Géén ander land heeft een nationale keuken zo smaakvol en verfijnd als… Een stapje verder dan het banale chauvinisme reikt het ‘patriotisme’. De patriot hecht veel waarde aan zaken als vlagvertoon, volkslied, grondwet en de man of vrouw aan de top en de staat als onderwerp van zijn patriottisme.

In de praktijk is er weinig verschil tussen civiel nationalisme en patriottisme. Een goed voorbeeld van civiel nationalisme is de Amerikaanse MAGA-beweging. Iedere legale immigrant die Amerikaans staatsburger (het woord zegt het al: ‘civiel’), zich aan de wet houdt en enthousiast met een Amerikaanse vlag in de hand Donald Trump en Amerika bejubelt kan een civiel nationalist zijn. Een belangrijk verschil tussen civiel nationalisme/patriottisme aan de ene kant en etnonationalisme aan de andere kant is die innerlijke strijd. De civiel nationalist kiest een sterke leider in de hoop dat die het land zal beschermen en sterk zal houden, maar houdt zichzelf niet noodzakelijkerwijs een kritische spiegel voor.

Innerlijke strijd van een volksnationalist

Een volksnationalist daarentegen is z’n eigen strengste criticaster. Juist omdat wij ons biologisch-genetisch verbonden voelen met elkaar zien we ook in hoe groot ieders eigen verantwoordelijkheid is om als individu binnen die volksgemeenschap te groeien. Er wordt over ons wel eens gezegd dat we ons sterk focussen op fysieke kracht, op mannelijkheid en op weerbaarheid. Dat klopt wel, maar het is slechts een klein onderdeel van de grotere filosofie dat een volksnationalist nooit klaar is met groeien en de innerlijke strijd altijd door gaat. We streven naar een gezonde levensstijl, naar het zich bekwamen in een krijgskunst, fysieke fitheid maar ook bijvoorbeeld naar het vergroten van kennis en het verdiepen van inzicht. Net als het lichaam dient ook de geest getraind te worden. Zaken als het verwerpen van porno, drugs en andere degeneratieve gedragingen gaan samen met het regelmatig bezoeken van een sportschool. We streven naar zelfverbetering en leggen onszelf waar nodig een gezonde discipline op.

Najagen van persoonlijke groei

Kijk minder televisie, lees meer boeken. Luister geen ‘muziek’ doorspekt met Engelse scheldwoorden maar luister in plaats daarvan bijvoorbeeld naar klassieke muziek. Zelfs in de manier waarop wij ons vrij besteedbare inkomen spenderen kunnen wij ons als nationalisten gedragen. Waarom bij een Chinese internetgigant inkopen en de Chinese CEO aan zijn vijfde landhuis of derde privéjet helpen als we met het lokaal inkopen doen de winkelier die bij wijze van spreken bij ons in de straat kan wonen aan een bescheiden inkomen helpen? Waarom geld overmaken naar globalistische goededoelenorganisaties als de plaatselijke diakonie of de lokale voedselbank om geld schreeuwt? Waarom vrijwilligerswerk in Afrika doen als het plaatselijke bejaardentehuis geen vrijwilligers kan vinden? Om mij heen kijkend naar mijn vrienden en vriendinnen binnen de groeiende familie van volksnationalisten zie ik overal die persoonlijke groei. Verschillende slechte gewoontes worden afgezworen. Boeken worden verslonden, dojo’s bezocht, halters getild, lezingen bijgewoond en kilogrammen eraf getraind.

Zoals de samoerai uit het begin van dit artikel hebben wij zo ook ons eigen ‘bushido’, de erecode en leefregels van de befaamde strijders uit het feodale Japan van weleer: de erecode dat wat we onszelf aandoen we indirect ook ons volk aandoen. Voor ons niet alle hoop leggen in een sterke leider en vertrouwen dat deze de hete kastanjes voor ons uit het vuur gaat halen. Nee, een goed nationalist streeft er zélf naar om datgene te worden wat we wensen voor ons volk. Het is een levensstijl – en ik spreek hier even uit eigen ervaring – die zoveel meer te bieden heeft dan het lege liberalisme van het hedendaagse Westen. Deze innerlijke strijd en die weg van groei is een pad dat letterlijk een beter mens creëert.