Europol laat de grens vervagen tussen rechtse ideeën en terrorisme

Jaarlijks brengt Europol een rapport uit over terrorismebestrijding. Op basis van hun cijfers komt het grootste gevaar voort uit jihadisme, gevolgd door links-extremisme. Geweld vanuit rechts-extremistische hoek komt nauwelijks voor, maar gewaarschuwd wordt er volop, zelfs Erkenbrand kreeg een vermelding. Wat is hier aan de hand?

Europol brengt jaarlijks een ‘Terrorism Situation and Trend Report’ uit over terrorismebestrijding op Europees niveau, onlangs verscheen hun verslag over 2018. De belangrijkste cijfers: in 2018 vonden in Europa 129 (verijdelde) aanslagen plaats. Het grootste deel van die aanslagen kwam vanuit separatistische hoek, zoals in Noord-Ierland en Baskenland. Dit geweld bleef echter beperkt tot de regio en de schaal van de aanslagen was doorgaans klein. Zo vielen er geen doden door separatistische aanslagen. Alle doden als gevolg van terrorisme in 2018 – in totaal 13 personen – waren het gevolg van jihadistisch geweld. Links-extremistisch terrorisme was daarna de grootste oorzaak van geweld met 19 aanslagen.

De mainstream media doen vaak voorkomen alsof opkomend rechts een groot gevaar is voor de veiligheid, maar dat wordt niet bevestigd door deze cijfers van Europol. In 2018 vond precies één aanslag plaats vanuit rechts-extremistische hoek, ofwel 0,8% van het totaal. Luca Traini, een 28-jarige Italiaan, had vanuit zijn auto geschoten op Afrikanen, met 6 gewonden tot gevolg. Hij sloeg door toen hij hoorde dat Pamela Mastropietro, een jonge vrouw uit zijn woonplaats, vermoord en in stukken was gesneden door een Nigeriaanse illegaal. Leiders binnen de nieuw rechtse beweging hebben steeds beredeneerd afstand genomen van dit soort terreurdaden. Behalve de morele aspecten van de onschuldige slachtoffers, argumenteren zij dat onze boodschap aan kracht verliest door geweld. Ons doel is alleen te bereiken door middel van een culturele omslag. Uitleggen, overtuigen, winnen.

Niet alleen de mainstream media maar ook Europol wijt een disproportioneel deel aan rechts-extremisme. Wat opvalt in hun rapport is dat uitsluitend bij rechts-extremisme het achterliggende gedachtegoed wordt gelabeld. Dat gebeurt met de bekende riedel: racisme, fascisme, xenofobie, islamofobie, antisemitisme, revisionisme, anti-immigratie, antidemocratie. Bij islam zouden labels als antidemocratie of vrouwenonderdrukking niet misstaan, maar die komen niet voor in het rapport, noch een ander label. Hetzelfde is bij links-extremisme het geval. Steeds wordt bij deze groepen alleen de geweldsdaad veroordeeld, maar niet het achterliggende gedachtegoed.

Wat doet Erkenbrand, dat zich steeds heeft uitgesproken tegen geweld of zelfs vormen van activisme, dat zich bezighoudt met sporten, natuurwandelingen, museumbezoek en lezingen, in een rapport over terrorisme? Zoals hierboven uiteengezet, laat Europol de grenzen vervagen tussen rechtse ideeën en terreurdreiging. Niet de daad van geweld wordt veroordeeld, maar het hebben van rechtse ideeën op zichzelf. Dit verschil in benadering heeft een achtergrond. Het probleem is dat in het huidige systeem linkse belangenorganisaties met subsidie van de overheid, diezelfde overheid mogen adviseren over ‘maatschappelijke ontwikkelingen’. Als zij in hun ogen ongewenste ideeën tegenkomen plakken zij daar een haatlabel op en eisen dat de overheid deze ideeën de kop indrukt.

Voor degene die voor het eerst op deze site komt: Erkenbrand is een platform voor intellectuele discussie, waarbij wij de vrijheid nemen om ook de maatschappelijk ingewikkelde onderwerpen te bespreken, zoals nationalisme of rasverschillen. Wij willen een wijkplaats bieden binnen het dominante systeem van multicultarisme en globalisme. Linkse organisaties vinden ons discussieplatform ongewenst en strooien daarom met haatlabels om ons te marginaliseren. Op die wijze komen we terecht in een rapport van Europol. Dat is pas zorgelijk: linkse clubs die mogen bepalen wat onder terrorisme valt en wat niet.