“Do not go gentle into that good night”

Enkele jaren terug begaf ik mij richting de bioscoop voor de film Interstellar, een science fiction- epos over de wereld in een niet te verre toekomst die te kampen heeft met catastrofale droogtes, honger, een snel verslechterende samenstelling van de atmosfeer en de rampzalige gevolgen van plantenziekten die de complete voedselvoorziening bedreigen.

De mensheid ziet zich genoodzaakt om op zoek te gaan naar een nieuwe wereld waar leven opnieuw wortel kan schieten zodat de menselijke soort kan voortbestaan.
Geconfronteerd met de existentiële bedreiging van al het aardse, dierlijke en plantaardige leven op aarde haalt de geniale Professor Brand (Michael Caine), belast met het project om ruimtevaartuigen sneller dan de snelheid van het licht op expeditie te sturen richting potentieel leefbare werelden , een gedicht van Dylan Thomas aan.
Het gedicht heette ‘Do not go gentle into that good night’.

Het geeft hem kracht en inspireert hem om verder te zoeken naar oplossingen.
Voor de oude Professor is het een pleidooi om met de dood in de ogen nog eenmaal te vlammen, om het naderende onheil niet smekend en verslagen op de knieën af te wachten maar fier en rechtopstaand met gebalde vuisten de vijand tegemoet te treden.
Het gedicht raakte me en liet, tezamen met deze film in z’n algemeen, een onuitwisbare indruk achter.

Het kan ook ieder van ons, Nationalisten, die het voortbestaan van de Westerse beschaving tot in de fundamenten ondermijnd ziet, tot inspiratie zijn.
Immers is niets zo moordend voor het moreel als defaitisme en fatalisme.
Voor ons geen neergeslagen blik en gesomber.
Nee, juist nu moeten wij als mensen die de Westerse beschaving koesteren en willen laten voortbestaan met vereende krachten en vol geestdrift de vijand tegemoet treden, zoals in de voorbije eeuwen al zo vaak een naderende nederlaag door de moed der wanhoop toch tot een eindoverwinning werd omgesmeed.
Misschien was dat het wel waarom dit gedicht van Thomas me zo raakte, het besef dat zo velen voor mij zich geconfronteerd zagen met de bedreigingen van hun tijden maar in periodes waarin alle hoop vervlogen leek juist de grootste innerlijke krachten die altijd en immer latent aanwezig zijn in de menselijke ziel wisten aan te boren.

Gedicht ‘Do not go gentle into that good night’ van Dylan Thomas

Old age must rage

“Do not go gentle into that good night,

Old age should burn and rave at close of day;

Rage, rage against the dying of the light.

Though wise men at their end know dark is right,

Because their words had forked no lightning they

Do not go gentle into that good night.

Good men, the last wave by, crying how bright

Their frail deeds might have danced in a green bay,

Rage, rage against the dying of the light.

Wild men who caught and sang the sun in flight,

And learn, too late, they grieved it on its way,

Do not go gentle into that good night.

Grave men, near death, who see with blinding sight

Blind eyes could blaze like meteors and be gay,

Rage, rage against the dying of the light.

And you, my father, there on the sad height,

Curse, bless, me now with your fierce tears, I pray.

Do not go gentle into that good night.

Rage, rage against the dying of the light.”

-Dylan Tomas

One thought to ““Do not go gentle into that good night””

Reacties zijn gesloten.