Diversiteit op hogescholen en universiteiten

2
74

Wie de laatste tijd een beetje het nieuws heeft bijgehouden wordt keer op keer geconfronteerd met een nieuw modebegrip, te weten ‘diversiteit’. Dit houdt in de regel in dat in bepaalde groepen het percentage vrouwen, allochtonen, moslims, homoseksuelen, transseksuelen en gehandicapten – kortweg ‘minderheden’, zelfs bij vrouwen – vergroot moet worden om een ‘betere afspiegeling’ van de samenleving te zijn. Deze diversiteit zou die groepen sterker moeten maken en beter moeten doen functioneren. Dit geldt echter niet voor alle groepen. Zo beweert niemand dat het percentage vrouwen in de groep ‘vuilnisman’ wel eens wat omhoog mag, de zeer zware oververtegenwoordiging van mannen is daar geen enkel probleem. Ook zijn niet alle ‘minderheden’ een verrijking. Niemand roept ooit ergens dat er te weinig blanke mannen aanwezig zijn – die kunnen als kiespijn worden gemist ondanks dat blanke mannen een uitermate succesvolle groep zijn. De roep om mannen in het algemeen sijpelt nog wel eens door de politiek correcte censuur heen: zo nu en dan verneem je dat er teveel basisschooldocenten vrouwelijk zijn en dat daar meer mannen tussen moeten komen. De huidskleur van die mannen is daar dan weer verrassend irrelevant.

De huidige situatie

Er zijn groepen die desondanks al decennia ongelijk zijn verdeeld. Een zeer zichtbare groep is de populatie studenten aan universiteiten en hbo’s. Bij technische studies zijn mannen zwaar oververtegenwoordigd. Dit begint al op de middelbare school. Op Tweakers.net is het volgende te lezen.

Hoewel meisjes en jongens op het HAVO en VWO steeds vaker voor deze exacte profielen kiezen, is er bij de HBO’s en universiteiten nauwelijks sprake van een stijging in de keuze voor techniek. Zo is het aandeel vrouwen dat in het hoger onderwijs een diploma ‘techniek, industrie en bouwkunde’ haalt, van 2 procent in 2006-2007 gestegen naar 3 procent in het studiejaar 2015-2016. In het laatstgenoemde studiejaar lag dit aandeel bij de mannen op 15 procent.

In het VMBO is ook nog een duidelijke kloof zichtbaar tussen jongens en meisjes. In het schooljaar 2017-2018 koos 4 procent van de meisjes in de laatste leerjaren van het VMBO-b, VMBO-k en VMBO-g voor een technische opleiding. Bij de jongens lag dit op 33 procent. Het percentage meisjes dat op het vmbo voor techniek kiest, is door de jaren heen wel licht gestegen, terwijl dat bij de jongens al sinds het schooljaar 2003-2004 daalt.

Het Ministerie van OCW publiceert het volgende:


Meisjes en vrouwen kiezen traditioneel erg weinig voor studies in de richting van bèta en techniek, met name binnen het vmbo. Het aandeel meisjes binnen de sector techniek in het vmbo bedroeg in 2017/’18 nog geen 10%. Het aandeel neemt wel toe. In 2005/’06 was nog 6% van de leerlingen in vmbo-techniek een meisje. Ook in de overige onderwijssoorten is het aandeel meisjes in de natuur- en techniekrichtingen gestegen. Na de invoering van de vernieuwde tweede fase in havo en vwo steeg het aandeel meisjes in het Natuur & Techniek-profiel in die onderwijssoorten in één keer aanzienlijk, maar ook daarna nam dit aandeel nog toe. Het aandeel meisjes/vrouwen in bèta en techniek is het hoogst in vwo en wo, maar haalt nergens de 50%.

Ondanks dat de banen in de technische sector voor het oprapen liggen kiezen meisjes toch veel minder dan jongens voor een technische opleiding. Dit is niet alleen in Nederland het geval. Volgens Trouw:


Al sinds vrouwen de universiteiten van Europa betreden, zijn het steeds dezelfde studies die bij hen populair zijn. Een omslag is nog niet in zicht, vertelt Lex Herweijer, wetenschappelijk onderzoeker van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Herweijer deed onderzoek naar de segregatie in studiekeuze – jongens kiezen andere studies dan meisjes – tussen 1970 en 1996 in Nederland. ,,Het soort studies dat vrouwen kiezen is nooit veranderd. In Nederland niet en in andere Europese landen niet”, zegt hij. Cijfers uit de Verenigde Staten laten eenzelfde ontwikkeling zien.

In het begin van de jaren zeventig was 25 procent van de Nederlandse studenten in het hoger onderwijs vrouw, vertelt Herweijer. ,,Bij de sociale wetenschappen was dit 30 procent en bij de sector ‘letteren, kunst en filosofie’ 41 procent. Inmiddels studeren er veel meer vrouwen en wat zie je? Het percentage vrouwen dat letteren, kunst of sociale wetenschappen studeert, is alleen maar nóg hoger geworden.”

Ofwel: dezelfde verschillen spelen niet alleen in het relatief kleine Nederland, maar ook in de rest van Europa en zelfs aan de andere zijde van de oceaan. Deze situatie is ook bij universiteiten niet onopgemerkt gebleven. Op 6-2-2019 kwam een projectgroep van de Universiteit Utrecht met een voorstel om diversiteit op de universiteit te stimuleren. Mannen en vrouwen worden op pagina 6 expliciet genoemd.

Ongewenst?

Het is de vraag of deze scheve vertegenwoordiging van de traditionele twee geslachten wel zo ongewenst is. De overheid heeft in het verleden al – zonder veel succes – getracht om meer vrouwen te interesseren voor techniek. Zie bijvoorbeeld deze brochure of lees er anders dit artikel van De Volkskrant uit 1997 over. Ruim 20 jaar geleden werden er dus al pogingen ondernomen, maar meisjes blijven zwaar ondervertegenwoordigd in de technische sector en dat vangt al aan bij de profielkeuze – voorheen de pakketkeuze – op de middelbare school.

Ondanks alle ‘newspeak’ over ‘diversiteit’ en ‘gelijkheid’ zijn mannen en vrouwen fundamenteel verschillend. Miljoenen jaren evolutie hebben de beide seksen toegerust voor een bepaalde rol in de natuur. De man floreert bij zwaar werk en het zorgen voor voldoende voedsel, onderdak en bescherming tegen kwaadwillende mensen, wilde dieren of een ongenadig klimaat. De vrouw is gebouwd voor het baren en verzorgen van kinderen. De man is zwaarder gebouwd en krachtiger, maar ook minder empathisch dan de vrouw. Mannen houden meer dan vrouwen van abstracte systemen, vrouwen houden meer van de omgang met mensen. De oververtegenwoordiging van mannen in de technische sector heeft dan ook een zeer duidelijke tegenhanger: zo’n 90% van de verpleegkundigen is van het vrouwelijk geslacht, aldus het CBS. Ik durf ten zeerste te betwijfelen dat overheidscampagnes het percentage mannen in de verpleegkunde significant kunnen doen toenemen.

Vrijheid

Nederland is een vrij land en de seksen hebben al geruime tijd dezelfde rechten. Elke man en vrouw kan zijn of haar eigen profiel op de middelbare school kiezen en kan zich inschrijven bij elke opleiding die met dat profiel gevolgd kan worden. Bij plaatsgebrek wordt niet in het minst naar iemands geslacht gekeken, maar wordt geloot. Elk mens kan dus zijn of haar eigen keuzes maken al naar gelang de eigen voorkeur. Deze situatie leidt in bepaalde sectoren dus tot zeer scheve verdelingen, verdelingen die elders in Europa en de VS niet significant anders zijn. Het ligt voor de hand dat deze verdeling de menselijke natuur volgt, en die menselijke natuur laat zich niet gemakkelijk in een keurslijf dwingen. Tenzij we iemand als Stalin aan de touwtjes laten trekken zal deze verdeling dus blijven en is deze verdeling ook beslist niet ongewenst! Ongewenst is het forceren van de menselijke natuur onder invloed van dogma’s die soms zelfs aan het begin van deze nog jonge eeuw niet eens gekend werden!

Het kan lonen onderzoek te doen naar de redenen dat deze verhoudingen soms uitermate scheef liggen. Misschien is het wel degelijk het geval dat meisjes kunstmatig afgekeerd worden van technische opleidingen en mannen van opleidingen in de gezondheidszorg. Het ligt echter beslist niet voor de hand dat dit de verhoudingen meer dan in zeer kleine mate kan veranderen. Laat mensen vrij en accepteer de menselijke natuur zoals die is, zodat iedereen zich kan ontplooien zoals hij zelf wil! Geforceerd diversiteitsdenken hoort thuis in de breinen – zo zij die hebben! – van links-progressieven, maar niet in de realiteit van alledag.

~ Jan de Scherprechter

2 COMMENTS

  1. Juist geschreven! Bedankt voor deze dosis realiteitszin. Nu kan ik er weer tegen als ik volgende week mijn links-progressieve collega-leraren weer tegenkom. Naast woede kan ik voor deze mensen eigenlijk alleen maar medelijden voelen.

  2. Ik zie het fenomeen ook op de Hogeschool alwaar ik les geef en het is een fenomeen waar ik me enorm aan stoor. Het feit dat er een bepaald quatum moet zijn voor bepaalde soorten bevolkingsgroepen werkt contraproductief.

Comments are closed.