De wereldvisie van Alt-Rechts (6)

1
134

De intellectuele stromingen binnen Alt-Rechts verwijzen naar
een zogenaamd Rijk Universum, waarvan het filosofisch fundament nog grotendeels
ontbreekt. Deze serie is een aanzet daartoe.

Praktisch Groepsbewustzijn en Alt-Rechts Realisme

Een groep mensen die zich als organisch geheel manifesteert kan men terecht zien als
een groepswezen, een soort van opperwezen dat bij voorkeur zijn leden veiligheid biedt
en beschermt tegen dehumanisering en vervreemding. Willen we een dergelijk
groepswezen vitaal houden met het nodige incasserings- en doorzettingsvermogen, dan
is realisme met betrekking tot wat deze wereld daadwerkelijk is en te bieden heeft een
eerste vereiste. Als samenlevingen of complete rijken instorten gaat dit meestal gepaard
met corruptie, ontkenning van het verval en wegvluchten in onwerkelijke fantasieën
met wereldvreemde leiders die vervreemd zijn van de eigen onverschillige lauwe
bevolking die het allemaal maar laat gebeuren en die met rust wil worden gelaten om
uitsluitend de eigen oppervlakkige dingen te kunnen blijven doen, met wat verdoving op
zijn tijd om het leven nog enigszins draaglijk te houden. Relativisme als middel om de
grenzen van het voorheen ontoelaatbare te kunnen overschrijden, viert dan haar
hoogtijdagen. Vooral om die extra kick mogelijk te maken temidden van de algehele
versuffing in een verder afgestompt leven. In dergelijke verschrikkelijke tijden is het
hele groepswezen doordrenkt van activisme om kritiek en activiteit tegen dit verval
zoveel mogelijk de kop in te drukken, zoals een starre oude man die half dement koppig
alles blijft ontkennen wat zijn overtuiging tegenspreekt. Achteraf, uitkijkend over de
ruïnes en de restanten van een eens glorieus en gezonder verleden, vraagt men zich dan
af hoe het in vredesnaam zover heeft kunnen komen en kan men het niet vatten. Op
grond van de vrome principe-ethiek van het “kerkvrouwtje” kan dit inderdaad niet
begrepen worden. Het is daarentegen juist de hersenloze vorm van principe-ethiek zelf,
bedoeld om degeneratie tegen te gaan door onwelgevallige wereldse werkelijkheden
koppig als niet bestaand weg te liegen of starre onkunde hierover, die corruptie,
chantage en algeheel verval steeds verder laten woekeren. Dit wegkijken moet wel
gepaard gaan met ontkenning en de welbekende evangelische verrukte blijde lach die
de inhoudsloze leegte bedekt van de zich gearriveerd gewaande totaaldeuger, die bereid
is zaken voor eeuwig heilig te verklaren die tot voor kort verketterd werden, want ieder
resultaat van de door hem geconstrueerde maatschappelijke machinerie kan immers
alleen maar perfect en goed zijn. Dit is niets anders dan hyper zelfoverschatting ten
aanzien van het eigen kunnen, meestal gecamoufleerd middels het zoveel mogelijk
etaleren van bescheidenheid en absolute onderwerping aan het boven alle twijfel
verheven zelf gekozen bestuurlijk systeem met bijbehorende ideologie gekoppeld aan
het eigen gelijk. Althans zo vergaat het alle samenlevingen die ten prooi zijn gevallen
aan de ongezonde hyper-nationalistische waan de wereld wel even aan te kunnen,
gebaseerd op leerstellingen die terug te voeren zijn op de aanname van een Net &
Beheersbaar universum, waarin alles als maakbaar en berekenbaar wordt voorgesteld.
Volgens de leerstelling van een Rijk Universum wordt zo juist de ware aard van de
wereld en werkelijkheid zo goed als ontkent. Men stevent af op de zogenaamd
bereikbare stip op de horizon, maar is blind voor de afgrond die zich ertussen bevindt
en met iedere stap dichterbij komt.

Binnen Alt- Rechts stel ik voor dat we dit anders gaan doen met alt-rechts realisme; zie
de wereld voor wat die is en hou rekening met de begrensde mogelijkheden die onze
wereld met betrekking tot humanisering te bieden heeft.

In het vorige artikel is een uiteenzetting gegeven van de meest basale krachten en
factoren en haar gevolgen die de groepsdynamiek bepalen met betrekking tot het
overleven van de groep als organisch geheel. Een sterk vereenvoudigd beeld van
voornamelijk feminiene vrouwen en masculiene mannen als vanzelfsprekend gevolg,
van natuurlijke selectie, voor primaten als groepsdieren werd gegeven. Een zekere mate
van seksuele dimorfie valt zo te verwachten en het ontkennen hiervan is zinloos. Het is
daarom niet verwonderlijk dat alleen kunstmatig ingrijpen hier geforceerd verandering
in kan brengen, waaraan tal van nare inhumane kanten vastkleven, die doorgaans in het
consensus discours worden verzwegen. Van eenvoudiger samenlevingsvormen zoals
plattelandsgemeenschappen die minder hoge eisen stellen aan specialisatie van
individuen mag dan ook worden verwacht dat personen zich minder frequent anders
identificeren dan volgens de stereotype man en vrouw in vergelijking met de sociaal
meer complexe metropole gebieden. De volgende quote is uit een artikel dat in 2015 in
de The New York Times verscheen:

“The Gallup analysis finds the largest concentrations in the West — and not just in the
expected places like San Francisco and Portland, Ore. Among the nation’s 50 largest
metropolitan areas, Denver and Salt Lake City are also in the top 10. How could Salt Lake
be there, given its well-known social conservatism? It seems to be a kind of regional capital
of gay life, attracting people from other parts of Utah and the Mormon West.”

Oftewel, het lijkt erop dat het label traditioneel niet zozeer de demografie van
homoseksuelen bepaald maar meer de graad van urbanisatie. Afgaande op dit artikel in
The New York Times kunnen we stellen dat het klassieke vooroordeel met betrekking
tot deze voorheen in statistisch onderzoek vermeden demografie uiteindelijk door dit
onderzoek van Gallup wordt ondersteunt. Het is kennelijk niet erg realistisch om de
totale groepsdynamiek en strijd om zelfbehoud tussen en binnen groepen in de
moderne wereld met de noodzakelijkerwijs grote steden te kunnen begrijpen vanuit de
meest elementaire specialisatie heteroseksuele feminiene vrouw en masculiene man.
Ethisch gezien, met het oog op humanisering, is zoals vaker door mij betoogd een
etno-staat voor blanken zeer gewenst. Uit zelfbehoud van een dergelijke groep mag men
heteroseksuele feminiene vrouwen en masculiene mannen als gewenste norm
vanzelfsprekend achten. Bij concurrentie tussen groepen in een urbane setting is het
echter goed voorstelbaar dat andere overlevingsstrategieën een rol gaan spelen.
Praktijken die onder de paraplu van het cultuurmarxisme vallen, om het groepsleven
van de concurrent op machiavellistische wijze te ontwrichten, lijken hiervoor bij uitstek
geschikt. Een nadere beschouwing van groepsdynamiek in de meer subtiele strijd
tussen groepen in complexere sociale situaties waar informatie, desinformatie,
manipulatie, chantage, omkoping en corruptie een belangrijke rol spelen is derhalve
gewenst zodat wij, ento-nationalisten weten waartegen we ons moeten wapenen.
In de complexere situaties, dus zeker in multiculturele westerse steden is er een niche
voor individuen die de handen vrij hebben voor andere gespecialiseerde taken dan die
van de traditionele vader en moeder, omdat dan doorgaans minder energie gaat zitten
in het onderhouden van een gezin. De niet-heteroseksueel (asexueel, homosexueel etc)
is hier bij uitstek de geschikte persoon voor. Dergelijke individuen kunnen een gunstig
effect hebben op het overleven van de groep als geheel, mits zij bewust de eigen
groepsbelangen behartigen. Anderzijds is het slecht voor het overleven, dus het
handhaven van een zekere levensstandaard en duurzaamheid, van de groep als geheel
als er te veel niet-heteroseksuelen zijn. Het behartigen van eigen etnische
groepsbelangen door niet-heterosexuelen betekent juist het normaliseren van
heteroseksualiteit in de eigen groep.

Percentagegewijs met betrekking tot levensstijl is het daadwerkelijk zo dat
heteroseksualiteit veel vaker voorkomt dan niet-heteroseksualiteit, wat het idee dat een
klein percentage niet-heteroseksualiteit het gevolg is van natuurlijke selectie op
groepsniveau ondersteunt.

Als de zojuist beschreven situatie van nature het geval is hebben alle groepen in de
huidige moderne wereld te kampen met het probleem omtrent het handhaven van een
klein percentage niet-heteroseksuelen en het ontwikkelen en propageren van de best
passende levensstijl daartoe. Bij groepen waar het vermogen tot het aanbrengen van
nuance ontbreekt, meestal gekoppeld aan een gemiddeld laag IQ en EQ, zullen homoseksuelen, en dat is meer het uiten hiervan middels
een levensstijl dan het uitvoeren van seksuele handelingen, worden gemeden of zelfs
vervolgd en krijgen we hier een meer primitieve brute overlevingsstrategie voor de
groep als geheel. In dergelijke groepen zal vaak de simpele gedachtegang zijn dat wat niet
expliciet zichtbaar aanwezig is ook daadwerkelijk niet bestaat. Deze repressie zal altijd
voordelig zijn voor het krijgen van meer nakomelingen en dergelijke groepen houden
zich op lange termijn in stand. Indien de leiders van dergelijke groepen zelf wel
homoseksueel zijn, maar dit als levensstijl in de groep absoluut verboden is, krijgen we
de klassieke situatie van wederzijds chantabele corrupte machthebbers, waarin het
maar zeer de vraag is of dit kan leiden tot een humaniserend sociaal construct.
Binnen groepen die op dit punt echter meer ontwikkeld zijn en er meer kennis aanwezig
is, zal men inzien dat de aard van de toestand op deze wereld nu eenmaal zo is.
Aangezien homoseksuelen een minderheid vormen en het nogal eens voorkomt dat
heteroseksuelen zich niet prettig voelen om omringd te worden door een groep
homoseksuelen die hun geaardheid te expliciet uitdragen, maar anderzijds het in deze
wereld zich als vanzelfsprekend in zekere mate in stand houdt, moet hier doortastend
mee worden omgegaan. Een manier waar de meerderheid zich in kan vinden, en wat ik
ook wil voorstellen als gangbaar binnen alt-rechts, is dat heteroseksualiteit als normaal
wordt gezien en dat het geen probleem is in gezelschap heteroseksualiteit binnen de
grenzen van fatsoen te uiten. Dit in tegenstelling tot het te expliciet uiten van
homoseksualiteit. Dat betekend dat homoseksuelen het inderdaad zwaarder hebben en
eerder vreemd zullen worden aangekeken bij het expliciet uiten van amoureuze avances
gericht op mensen van hetzelfde geslacht in een willekeurig samengesteld gezelschap.
Dit is iets waar homoseksuelen dan maar mee hebben te dealen. De wereld is voor
niemand perfect en iedereen heeft het op zijn of haar manier zwaar, daar hoeft niemand
aan te twijfelen. Anderzijds moet ieder individu wel eerlijk zijn over zichzelf en is
verzwijgen van seksuele voorkeur ten koste van alles eveneens ongewenst binnen
ontwikkelde groepen, vooral in het geval van het vervullen van een prominente rol, ook
al is het maar om chantage als onderdeel van machiavellistische ontwrichting binnen de
eigen groep te voorkomen.

De keuze voor het exclusief openbaar propageren van een heteroseksuele levensstijl,
staat diametraal op wat liberaal links voor ogen heeft, namelijk dat het recht om
expliciet een niet-heteroseksuele levensstijl te mogen uiten belangrijker is dan het
daadwerkelijk creëren van een veilige humaniserende leefomgeving waar een
homoseksueel persoon ook veilig kan leven en als levensvervulling een zinvolle bijdrage
kan leveren aan het overleven van de groep. Binnen een etno-staat voor blanken zal
altijd voldoende potentieel aanwezig zijn om een ontwikkeld humaniserende
samenleving te construeren en te onderhouden. Voor blanke niet-heteroseksuelen is het
daarom niet eens het overwegen waard om wel of niet te kiezen voor etno-nationalisme.
En daarbuiten is fixatie op seksuele voorkeur en zeker het expliciet uiten daarvan ethisch
hol en nietszeggend ten opzichte van humanisering, dat centraal moet worden gesteld
en niet los kan worden gezien van een etno-staat voor blanken.
In onze huidige maatschappij wordt door media het beeld voorgespiegeld dat de meeste
personen zeer tolerant zijn ten opzichte van het expliciet uiten van niet-traditionele
levensstijlen, maar het is meer uit politiek correcte overwegingen, met het oog op
acceptatie van het individu door het systeem opgelegd van bovenaf, dat in het openbaar
de meeste personen zeggen tolerant te zijn ten opzichte van het uiten van anders dan
traditionele levensstijlen. Het is ook niet uitgesloten dat door het pikken van krenten uit
de pap bij het vragen naar meningen dat het lijkt alsof de meeste mensen het
propageren van niet traditionele levensstijlen als vanzelfsprekend accepteren. Is
iemand minder tolerant, dan wordt deze juist gemeden en afgebrand. Het zich expliciet
positief uitlaten ten opzichte van LHBTI-levensstijlen door heteroseksuelen valt meestal
buiten hun persoonlijke comfortzone en is domweg niet meer dan het afgeven van de
gewenste deug-signalen om te kunnen overleven in de politiek correcte dwangbuis van
de van bovenaf opgelegde principe deugdethiek. Als zich een dergelijke situatie
ontwikkeld ontstaat het ongemakkelijke gevoel dat er in meer of mindere mate
aanwijsbare derden bij betrokken zijn, zoals op het eind is aangegeven in het vorige
artikel [link naar vorige artikel], die op planmatige wijze onze samenleving proberen te
ontwrichten, waarbinnen momenteel de vlam van groepsbewustzijn slechts zwakjes
flakkert. In het fysiek aanwijsbare geval is het bepaald niet ondenkbaar dat dergelijke
derden dit gebruiken om een voor de eigen groep historisch gezien geduchte concurrent
in een moment van zwakte uit te kunnen schakelen. Het recht van het in het openbaar
uiten van anders dan heteroseksuele levensstijlen in combinatie met het creëren van de
“cultus van slachtofferschap van niet-heteroseksuelen in de eigen natuurlijke groep ten
gevolge van de groepscultuur van de eigen natuurlijke groep van voornamelijk
heteroseksuelen” is niets anders dan het uiteenscheuren van de organische samenhang
van het eigen groepswezen.

Het normaliseren van het abnormale past bij de machiavellistische strategie van een
dergelijk tegenstander. Indien vrouwen niet meer overwegend feminien en mannen niet
meer overwegend masculien zijn, en er een geforceerde transformatie van individuen
plaatsvindt om gender aspecten te laten verdwijnen door opzettelijke artificiële
verminking, wordt de groep in primaire zin zo weinig levensvatbaar [link vorige artikel]
dat deze de facto niet meer is. In het kader van activisme voor normaliseren van het
abnormale wordt bijvoorbeeld nogal eens beweert dat het natuurlijk is dat gender een
keuze is. Voor sommige diersoorten is dat inderdaad het geval. Er zijn hermafrodiete
dieren, zoals slakken, en eveneens kunnen sommige kikker- en vissoorten van geslacht
veranderen als er te weinig exemplaren van een bepaald geslacht aanwezig zijn. Dit zijn
evenwel biologische eigenschappen die voor de betreffende diersoort gunstig zijn in de
strijd om het bestaan. Voor zoogdieren is dit kennelijk niet gunstig genoeg anders zou
deze eigenschap bewaard, dan wel ontwikkeld zijn in de loop van miljoenen jaren. De
strijd in deze wereld heeft duidelijk de voorkeur gehad voor typisch masculiene
mannen en typisch feminiene vrouwen. Het ontkennen van gender in traditionele zin, is
niet veel meer dan het opgeven van de strijd om zelfbehoud als groep.
Het wegnemen van enthousiasme om een etno-nationalistische groep te vormen is
eveneens een bekende machiavellistische tactiek. Strijd in primaire evolutionaire zin
tussen groepen werd door biologen zoals Gould, een leerling en ideologische verwant
van de antropoloog Boas, als niet significant gezien, dus van zoiets als natuurlijke
groeps-evolutie en fundamentele verschillen tussen individuen uit verschillende
groepen kon geen sprake zijn. Tenslotte heerste hier de idee dat vanaf het moment dat
individuen logisch gingen nadenken evolutie in direct biologische zin geen belangrijke
rol meer speelde; de mens als biologische machine was min of meer uit-geëvolueerd, er
waren geen relevante potentiële verschillen tussen groepen het kwam slechts aan op de
juiste programmering en daar moest middels activisme op worden ingezet. Het is voor
cultuurmarxisten, die pseudowetenschap als middel voor activisme gebruiken, zoals
Gould en Boas dan ook verboden om sociale ontwikkelingen in de termen van
groeps-evolutie – hier bedoeld als selectie op basis van IQ en temperament van
individuen in samenhang met groepsstrategieën om te overleven- te begrijpen. Het was
daarentegen voor de tweede wereldoorlog nogal in zwang samenlevingen te vergelijken
met bepaalde insecten koloniën. Mierenkolonies waren nogal eens de geliefde keuze
voor treffende vergelijkingen. De reden hiervoor is begrijpelijk immers mieren lijken in
zekere zin qua fundamenteel bouwplan nogal op elkaar net zoals mensen, maar de
verschillende soorten mierenkolonies gedragen zich totaal anders, precies zoals ook
valt waar te nemen bij de verschillende volkeren en naties. Er zijn mierenkolonies die
actief landbouw bedrijven, er zijn er die primair leven van de rooftocht en andere
mierenkolonies tot een slavenvolk maken. Tenslotte is er ook een mierensoorten zoals
Monomorium santschii die alleen bestaan uit parasitaire koninginnen en hun hele
werkerskaste hebben verloren. In de groep waar Gould en Boas deel van
uitmaken vindt doorgaans een fervent georganiseerd activisme plaats om de
gebruikelijke etnische stereotypen zoals parasitisme op andere groepen tegen te
gaan. Dit doet vermoeden dat de deels gecultiveerde angst voor een nieuwe pogrom zo
diep zit dat alles wat eventueel het idee kan ondersteunen dat een parasitaire groep kan
ontstaan, vooral op basis van biologische argumenten, met de grond gelijk moet
worden gemaakt. Wat is in dat geval efficiënter dan het idee van groepsevolutie in zijn
geheel meteen in de prullenmand te gooien? Onwillekeurig doemt zo het idee op dat
Gould en Boas het meer te doen was om de eigen belangen te
behartigen, dan het bedrijven van objectieve wetenschap. Links activisme ten dienste
van etnocentrische doelen, tja als dat zo is hebben we wel een hele rare enigszins
hypocriete tegenstrijdige mix, die op termijn alleen maar slecht kan uitpakken. Voor dit
artikel leek het mij in het kader van omissie van ongewenste biologische feiten als
vermoed links activisme relevant te linken naar de miersoort Monomorium santschii​.
Hier de informatie die te vinden is op Wikipedia. Vergelijk dit met wat de
evolutiebioloog Richard Dawkins over deze mier te melden heeft
The Selfish Gene, pagina 252 (Dawkins verwijst hier naar de grondlegger van
sociobiologie, Edward Wilson):

‘But sawing off heads is a bit of a chore. Parasites are not accustomed to exerting themselves if
they can coerce a stand-in. My favourite character in Wilson’s The Insect Societies is ​Monomorium
santschii​. This species, over evolutionary time, has lost its worker caste altogether. The host
workers do everything for their parasites, even the most terrible task of all. At the behest of the
invading parasite queen, they actually perform the deed of murdering their own mother. The
usurper doesn’t need to use her jaws. She uses mind-control. How she does it is a mystery; she
probably employs a chemical, for ant nervous systems are generally highly attuned to them. If her
weapon is indeed chemical, then it is as insidious a drug as any known to science. For think what it
accomplishes. It floods the brain of the worker ant, grabs the reins of her muscles, woos her from
deeply ingrained duties and turns her against her own mother. For ants, matricide is an act of
special genetic madness and formidable indeed must be the drug that drives them to it. In the world
of the extended phenotype, ask not how an animal’s behaviour benefits its genes; ask instead
whose genes it is benefiting.’

‘Maar het afzagen van hoofden is nogal een behoorlijke klus. Parasieten hebben niet de gewoonte
om manuele arbeidsinspanning te verrichten als ze een vervanger onder dwang aan het werk
kunnen zetten. Mijn favoriete karakter in Wilson’s De Insekten Samenlevingen is ​Monomorium
santschii​. Deze soort heeft in de loop der tijd door evolutie zijn werkerskaste volledig verloren. De
arbeiders van het gastheer-volk doen alles voor hun parasieten, zelfs de meest vreselijke taak van
allemaal. Op bevel van de binnendringende parasieten koningin, vermoorden ze daadwerkelijk hun
eigen moeder. De overweldiger hoeft haar kaken niet te gebruiken. Ze gebruikt hersenspoeling. Hoe
ze dit doet is een mysterie; waarschijnlijk gebruikt ze een chemische stof, want het zenuwstelsel
van mieren is hier over het algemeen zeer gevoelig voor. Als haar wapen daadwerkelijk chemisch
is, dan betreft het een net zo verraderlijk drug als degene die aan de wetenschap bekend zijn.
Immers besef eens wat hiermee wordt bereikt. Het overspoelt het brein van de werker-mier en
neemt de controle over de spieren over, verleid haar tot het verzaken van diep ingesleten plichten
en zet haar op tegen haar eigen moeder. Moedermoord is een daad van speciale genetische
waanzin en de drug die daartoe aanzet moet formidabel zijn. In de wereld van het fenotype in
bredere zin is het niet de vraag hoe het gedrag van een dier voordelig is voor zijn genen; stel in
plaats hiervan de vraag wiens genen hiervan profiteren.’
Onwillekeurig vraag ik mij dan af hoe ver links liberale activisten bereid zijn te gaan in
het selectief onderdrukken van bepaalde in hun ogen hinderlijke biologische
wetenswaardigheden, in hun strijd tegen het spook van niet-bestaand antisemitisme en racisme.

Uit de voorgaande artikelen valt op te maken dat in een Rijk Universum plaats is voor
zowel verborgen dehumaniserende als humaniserende krachten, die een zekere
intelligentie aan de dag leggen. Als hierboven over evolutie wordt gesproken, dan wordt
in dit artikel opengelaten of evolutie een louter kansproces of een puur intelligent geleid
proces is. Gezien de aard van een Rijk Universum zal het deels geleid en deels door
toeval zijn wat ten grondslag ligt aan dat wat uiteindelijk gestalte neemt. Als in het
strijdperk dat onze wereld is, enigszins de mogelijkheid moet worden geboden om
uitdrukking te geven aan het concept mens, lijkt de overwegend traditionele rol van
man en vrouw zoals in het nucleaire gezin, het meest geschikt als dominante
gezinsvorm. Het nucleaire traditionele gezin is het meest volledig en rooft de minste
energie niet alleen omdat moeder natuur dan in alle attributen voorziet, zonder dat
kunstmatige toevoegingen nodig zijn, maar ook in het vervullen van de twee
verschillende opvoedkundige rollen die instinctief bij vader en moeder aanwezig zijn.
Dehumaniserende krachten, die we voor het gemak maar archontesk noemen, omdat
deze niet als vanzelf van onderop in de maatschappij ontstaan, maar van bovenaf
worden opgelegd door maatschappelijke buitenstaanders die onder bevreemdende
inspiratie staan, zullen de basis van een humaniserend sociaal construct, namelijk het
nucleaire gezin, vanzelfsprekend teniet willen doen. Wat hier vooral van belang is om te
beseffen is dat binnen de idee van een Rijk Universum de inspiratie, die bijvoorbeeld ten
grondslag ligt aan genoemde machiavellistische tactieken met een voor ons archontesk
karakter, daadwerkelijk ingegeven kan zijn door archontische voor het fysisch
universum verborgen krachten en vormen van bezieling. Dit laatste roept het vergezicht
op van een bijzondere strijd die plaatsvindt op Midgard; een strijd voor en tegen de
bezieling die ten grondslag ligt aan het concept mens, die op zichtbaar technologisch en
ideologisch niveau zich op dit moment pal voor onze ogen aan het voltrekken is.
De tot zover beschreven aard van de strijd tussen complexere groepen en onze
momentele positie daarin, dwingt ons in het licht van nuchter alt-rechts realisme tot de
volgende conclusie: willen we als groep in deze wereld overleven dan ontkomen we niet
aan het toepassen van het primitieve brute middel dat bij uitstek daartoe geëigend is,
namelijk het meer loyaal zijn aan de eigen groep en groepsleden dan aan anderen
buiten de groep. Deze loyaliteit naar binnen toe moet zwaarder wegen dan de algemene
regels, wetten en bestuurlijke abstracties die meerdere etnische groepen overkoepelen,
zelfs als we zeggen dat dit niet zo is. Het voor ons belangrijkste markeringspunt op de
maatstaf voor sociale keuzes is dat wat wel en dat wat niet goed is voor ons als groep
etno-nationalisten. Het is naïef in het geval van een complexere groepsdynamiek en
strijd tussen groepen om te vertrouwen op bestuurlijk abstracte algemene regels en
wetten die voor iedereen gelden, waardoor het lijkt alsof een eigen etnische
belangengroep overbodig is geworden en je veilig volkomen individualistisch kunt zijn,
zoals een blanke wel kan zijn in een etno-staat voor blanken. Immers gebrek aan
loyaliteit en onderlinge eerlijkheid tussen verschillende etnische groepen alsmede het
verschil in vermogen tot wetsgetrouw gedrag tussen etniciteiten maakt multiculturele
samenlevingen, zelfs in het civiel nationalistische geval, onwerkbaar voor de
instandhouding van een op westers democratische leest geschoeide samenleving.
De noodzakelijke eis van loyaliteit aan de eigen exclusieve groep staat volkomen los van
onderlinge meningsverschillen over hoe we deze belangen het beste kunnen behartigen.
Meningsverschillen en debat hieromtrent is gezond en moet niet worden vermeden. Zo
wordt kadaverdiscipline als norm, veelal gepaard gaand met dehumanisering,
voorkomen, wat ook ten koste gaat van creativiteit en de voor het overleven zo cruciale
groepsintelligentie, die zich kenmerkt door intelligent anticiperen op de immer
veranderlijke toestand in de wereld. Succesvol improviseren als groep ten behoeve van
de groep, door het altijd paraat zijn en paraat hebben van de daartoe geëigende
middelen, daar gaat het om. Alle succesvolle groepen opereren op deze manier. Wij kunnen dat ook.

De positieve boodschap moet zijn veiligheid en strijd voor onze dierbare verwanten, middels een
exclusieve belangengroep voor blanken. Alleen zo kunnen we met enig succes Asgaard
door ethisch verantwoorde humanisering dienen en onze argeloze verwanten, die ten
prooi zijn gevallen aan de illusie dat verregaande abstracte idealen en regels de
belangen van ieder individu behartigen, tezamen met hun menselijke bezieling redden.

1 COMMENT

  1. Homoseksuelen zijn oververtegenwoordigd onder deskundigen op het gebied van kleding en voedsel. Als dat in de oertijd ook al zo was moet dat een belangrijke positieve bijdrage hebben geleverd aan de overlevingskans van de stam waarvan ze deel uitmaakten.

Comments are closed.