De Arische alchemist

1
1281

In de alchemie is er een concept van transformatie dat zich volstrekt door middel van drie fasen. Dit zijn Nigredo, Albedo en Rubedo; gesymboliseerd door de kleuren zwart, wit en rood. In de geschiedenis zijn de fases in deze volgorde – al dan niet de kleuren – veelvuldig gebruikt zonder dat de massa hier de betekenis van wist. Of het nou de verrijzenis van Kristos is, de kleuren op de Pruisische vlag of de mystieke dood van Wodan, ze symboliseren hetzelfde. Het Nigredo is de duisternis, Albedo de herrijzenis en Rubedo de vereeuwiging van de staat en herrijzenis in materie, het vertrek naar het andere universum. De concepten hebben allen een sterke metaforische betekenis. De uitleg van de fasen is met behulp van het boek Resurrection of the Hero van Miguel Serrano (vzmh) gedaan.

Nigredo
De eerste fase, Nigredo, is de duistere fase van de alchemistische initiatie. De val en ontbinding vinden hier plaats. Dit staat ook wel bekend als de mystieke dood, omdat het ‘ik’ het risico loopt compleet de verdwijnen. We vinden deze mystieke dood in het hangen van Wodan aan de boom of de dood van Kristos aan het kruis. Andere symboliek betreft het bad van de koning en koningin, de reis van Parzival door onbekende wateren of de in gepsychologiseerde zin reis door het onderbewuste. In de chemische alchemie waren hier de stoffen zwavel (masculiene) en kwik (feminiene) bij betrokken. Het vulgaire zwavel gaat dood omdat het oplosmiddel van het feminiene principe ook vulgair is; het is het lagere ego, puur fysiek en rationeel. Na de crisis worden de positieve aspecten van beide (het feminiene en masculiene) met elkaar verenigd. Door de vereniging van deze twee vindt men de ‘nauwe tunnel’, de verborgen doorgang, en vindt een opwekking in de vorm van een extase plaats; men vindt zijn Zelf – als vuurvast zwavel dat behouden blijft tijdens de transformatie. In de oude Arische alchemie was je hierna een Ariër, een herborene die zijn weg achteruit (net zoals de nationaalsocialistische swastika) kon vervolgen richting het hyperboreale paradijs. Dit paradijs (ook wel Thule of Asgaard) zal echter nooit meer zijn oorspronkelijke puurheid bevatten, omdat de Ariër zijn naïviteit heeft verloren, want wat eenmaal is gebeurd (de val uit het paradijs, de corruptie van de Demiurg) kan hij niet meer vergeten – hij zal ermee moeten leven. Maar hij die de fase doorstaan heeft is ‘gered van de wateren’.

Albedo
Na deze eerste stap, het vervullen van het Nigredo, is het de beurt van de Wijze om zijn gift te schenken aan het herboren kind (“ik zal weer worden als een kind”). De Ariër moet met zijn gepurificeerde bloed zijn tocht vervolgen door de woestijn. Hier moet hij het water (water des levens, fontein van de jeugd) halen uit de steen met zijn hernieuwde kracht, Vril, met zijn Caduceus (staf van Hermes) en zwaard. Door dit proces ontwaakt in de held de gouden slang, die ook wel bekend staat als de Kundalini in het Hindoeïsme. De held zal nu zijn getuigen oproepen om samen met hem te drinken. Zij staan bij de kruisiging van Kristos ook wel bekend als de goed en slechte dief (die vervuld is van twijfel), of in het verhaal van Mithras als Cautus en Cautopates, in runen ook wel bekend als Yr en Man (bedenk dat de combinatie van deze runen, Hagal, met de toevoeging van de ‘P’ een symbool van het Christendom is geworden). De held zal hen verzekeren over wat niet bestaat, zodat zij samen met hem Asgaard kunnen betreden. De held is nu een Magus koning, Wit, hij die zijn gift aan het herboren kind schenkt.

Rubedo
De laatste stap is die van Rubedo, waarin de Magus koning zijn gift (zijn herrezen vlees) geeft aan de herboren held. In deze fase heeft het kind dat een embryo was in het Nigredo en gegroeid is in het Albedo zijn ‘volwassenheid’ bereikt. Uiteindelijk is hij koning en koningin in een lichaam, hij is de bekroonde androgyne, de Totale mens. Hij is het absolute masculiene en absolute feminiene, hij is de held én zijn Walkure.
We kennen dit in de symboliek van Parzival door Wolfram von Eschenback als het gevecht met de rode ridder door zijn onverwoestbare rode harnas, of als de overgang van de rode zee als zijnde een occulte en verborgen symboliek. Het rode harnas is de herrijzenis van het vlees, de materie, die nu overgoten is met een onverwoestbare en eeuwige energie, ook wel Vajra geheten in het Sanskriet. Nu is de twee-keer-geborene herrezen met zijn lichaam. Het symbool hiervoor is de vlammende wagen. De Ariërs herdachten deze verloren capaciteit door middel van het cremeren van hun doden; door het verbranden van de corrupte materie in een innerlijk vuur.

Alchemie op meta-schaal
Afgezien van het persoonlijke pad, is er op collectief niveau een zelfde lijn te trekken. Op dit moment is het westen door een duistere periode aan het gaan. Deze duisternis onderscheidt zich van andere tijden omdat het westen de laatste thuishaven is van de blanke mens, van de Ariër die op zoveel plekken op de wereld al eens is uitgestorven. Het alchemistische proces volstrekt zich als een alchemistisch principe: zo boven zo beneden, zo binnen zo buiten. We maken een duisternis mee op collectief niveau, een reis van degeneratie, ongekende haat en verschrikkingen. En geloof maar: dit is nog niks vergeleken met wat ons te wachten staat. Maar onthoud dat dit de duisternis is waar we als collectief doorheen gaan. Dit is een proces waar we compleet verloren lijken te raken, waar het lijkt alsof zelfs God ons verlaten lijkt te hebben (Oh Vader, waarom hebt gij mij verlaten?) en we richting de hel op aarde gaan. Het is het Kali-Yuga, Ragnarok. Dit is het moment om te leren, om te zien, om onszelf te hervinden. Dit is het moment om gebruik te maken van de diepste dieptes om ons heen als niks anders dan een fase in onze collectieve initiatie. Het aller belangrijkste is om ons te onderscheiden, net zoals in de alchemie de corrupte elementen van zwavel en kwik verworpen worden ten behoeve van de zuiverheid. Door de dieptes om ons heen te ervaren, de vergankelijkheid en corruptie ervan, kunnen we datgeen wat zuiver en eeuwig is onderscheiden en laten voortleven in ons volk.

Als we dit proces eenmaal hebben meegemaakt, en we onze ‘puurheid’ hebben hervonden, is het tijd om onze innerlijke kracht als collectief te laten ontwaken. Met de ontwaking van onze innerlijke kracht overwinnen en belichamen we zowel het leven als de dood en verenigen we de twee in ons volk. We zijn zowel het begin als het einde en overstijgen de twee. Hiermee kunnen we onszelf de eeuwigheid schenken en dat mooie paradijs wat ooit was hervinden, zowel in onszelf als buiten onszelf. Onthoud dat de eeuwigheid zich niet als een cadeau aan ons zal presenteren, wij hebben een verantwoordelijkheid en een plicht, wij moeten onszelf dat cadeau geven, net zoals de Magus Koning het kind zijn geschenk brengt in het Rubedo.

Onthoud wie je bent en wie wij zijn, maar vooral ook wat je niet bent en wat we niet zijn.

~ Kalki

1 Reactie
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Gast
5 maanden geleden

Jammer dat de momentele mens, of wat daar voor door moet gaan, naar mijn idee innerlijk te weinig aangrijpingspunten bezit om verheven taal op juiste wijze te laten resoneren. Dergelijke woorden worden meestal, vrees ik, opgevat als vaag en betekenisloos in plaats van dat het bewustzijn organisch opgaat in een groter geheel dat inspireert en meer vrijheid biedt om creatief te werk kunnen gaan zodat menszijn weer betekenis krijgt.

Deze betreurenswaardige Kali-Yuga toestand gaat volgens mij hand in hand met spirituele opsluiting in de nu dominante Abrahamitische systemen waar ons volk in wordt gelokt, gedwongen en uiteindelijk in zal worden vermoord. Van ons wordt dan verwacht dat wij dit gaan bestempelen als goed.