Altrechts voorbij en de lessen voor de toekomst

4
402

Rond 2010 ontstond “Altrechts” als politieke subcultuur in de Verenigde Staten. Deze beweging startte als een poging om Europese nationalistische ideeën te introduceren bij een conservatief publiek in de VS, maar strandde uiteindelijk in een simplistische veramerikaniseerde perversie ervan.

De hoogtijdagen van Altrechts begonnen rond de verkiezingscampagne van Donald Trump in 2016. In deze tijd kwam de Altrechtse beweging in de belangstelling te staan van de internationale mainstream media. Hiermee vond deze subcultuur ook buiten de VS navolging.

De Altrechtse beweging werd een onderkomen voor een bont allegaartje van zeer uiteenlopende en soms ronduit tegenstrijdige ideologieën. Deze beweging mocht dan een duidelijke politieke stootrichting ontberen, het betekende ondertussen wel een opleving van nationalistische en conservatieve ideeën.

Het was rond deze tijd dat de Amerikaanse nationalistische auteur Eugene Montsalvat een kritische analyse schreef over het fenomeen Altrechts. Met het einde van Trumps presidentschap leek ook Altrechts op zijn einde te lopen. Deze subcultuur heeft uiteindelijk niet geleverd wat het beloofde.

Echter, met het oprukkende globalisme, gekatalyseerd door de coronacrisis, kan een nieuwe opleving van het nationalistische gedachtegoed niet uitblijven. Juist nu is het de tijd om lering te trekken uit de praktijken van de Altright beweging en te bouwen aan een revolutionair volksnationalistisch alternatief voor de toekomst.

Mostalvats kritische analyse kan daar een bijdrage aan leveren:

Toen rond 2010 een beweging ontstond die bekend zou komen te staan als Altrechts, waren de verwachtingen hoog gespannen. Zo hoopte de toenmalige redacteur van de “The Occidental Quarterly” dat het jonge conservatieven zou introduceren tot de ideeën van de Europese Nouvelle Droite, Third Positionism, de Conservatieve Revolutie, Traditionalisme en anti-kapitalisme van rechts. Het doel was om de geesten te verruimen en Amerikaanse conservatieven weg te trekken van het gebruikelijke partijdig gekibbel richting meer radicale en belangrijke onderwerpen die onbesproken bleven. In plaats daarvan heeft het tot een solidificatie geleid van de ergste elementen van het Amerikaanse conservatisme, nu herverpakt als iets modieus. In plaats van een bruggenhoofd te worden om Conservatief Revolutionair en Nieuw Rechtse auteurs zoals Oswald Spengler, Julius Evola of Alain de Benoist in het Amerikaanse politieke discours te trekken, werd het een verzamelpunt voor diegenen die het kapitalisme wilden verdedigen tegen populaties met laag-IQ. Alle theorieën werden uitgelegd door middel van de meest onvolwassen terminologie samengetrokken uit de verste uithoeken van het internet. In plaats van een nieuwe revolutionaire beweging in de VS uit te bouwen, heeft het slechts de meest ouderwetse conservatieve ideeën op hippe wijze herverpakt om de meest onvolwassen elementen in de samenleving aan te spreken. Altrechts heeft erin gefaald om de noodzakelijke kritieken op de huidige orde aan te dragen. In zijn huidige vorm heeft Altrechts geen toekomst. Het moet hervormd worden met de kracht om verder te kijken dan de kunstmatige barrières van links en rechts, barrières die gedefinieerd zijn door de vijandige elites die de Amerikaanse politiek beheersen.

Wellicht is de meest verenigende eigenschap voor de verschillende stromingen binnen het Amerikaanse Altrechts de focus op biologische definities van ras. Zeker, de wetenschappelijke benadering van menselijke verschillen heeft zijn plaats. Echter, een enkel materialistische benadering is op zijn best onvoldoende en in het ergste geval contraproductief. In het beste scenario is het een stap in het uitgebreide proces om een persoon uit het paradigma van het liberale egalitarisme te halen richting een filosofisch begrip van menselijke verschillen. Inderdaad, mensen zijn biologisch verschillend, maar deze biologische conceptie van verschil is slechts een oppervlakkig begrip van de essentiële verschillen tussen mensen. Voor een meer dieper begrip van menselijke ongelijkheid, moeten we verder kijken dan puur biologisch materialisme, welke voortkomt uit een rationalistisch Verlichtingsdenken over de wereld; we moeten kijken naar de Traditionalistische doctrine van ras, zoals begrepen werd door Julius Evola. Inderdaad er is een biologisch aspect, maar we moeten deze ook overstijgen door de “ras van de ziel” en de “ras van de geest” te begrijpen.

Met “ras van de ziel” bedoelen we de verschillende spirituele karakteristieken die een bepaald volk definiëren. Dus als iemand er een Joodse moraliteit op na houdt, kan deze een lid zijn van het “Joodse ras van de ziel”, terwijl deze tegelijkertijd in biologische zin een goj is. “Ras van de geest” definieert hoe verschillende mensen binnen een samenleving zich verhouden tot het hogere. In oude beschavingen vereerden verschillende seksen en sociale klassen verschillende goden. De patriciërs van Rome representeerden een ander “ras van geest” dan de Romeinse plebejers; binnen het Hindoeïsme hebben de Brahmanen een ander “ras van geest” dan de Kshatriyas. Vrouwen representeren een ander “ras van geest” dan mannen. In deze conceptie van ras worden de drie aspecten biologie, ziel en geest met elkaar verbonden. Je kunt dit echter niet simpelweg reduceren tot de biologie van waaruit alle zaken voortvloeien. Deze obsessie met wetenschappelijke verschillen tussen rassen en de noodzaak elk biologisch verschil te wegen, staan ver af van een dieper, filosofisch begrip van de verschillende spirituele aarden van volkeren die de oude wortels van onze beschavingen kenmerken. Verder is het weinig inspirerend, want geen mens gaat een machinegeweernest bemannen om een IQ-studie te verdedigen. Mensen sterven voor hogere visies en zingevingen. Het is beter om over de geest van de natie te spreken dan de gewone man dood te vervelen met kaarten vol met schedelmetingen.

In het ergste geval leidt de puur biologische visie van ras tot een herhaling van de liberale vooroordelen van de Verlichting. Het stelt, net als de nieuwe atheïsten die door Richard Dawkins en anderen gerepresenteerd worden, dat alle zaken simpelweg tot wetenschappelijke, rationele uitleg gereduceerd kunnen worden. Dit leidt tot wat in het algemeen bekend staat als “cognitief elitisme”. Het gaat ervan uit dat IQ de enige arbiter is van menselijke waarde. Dit is desastreus voor elke politieke ideologie die probeert de unieke en vrije identiteit van volkeren te benadrukken. Want; Als een bepaald volk een hoger IQ heeft, waarom zouden we het dan als immoreel moeten beschouwen dat ze de minder intelligente volkeren veroveren? Als dat zo is, zou Hong Kong de wereld moeten regeren en kan geen enkele andere natie zichzelf bewijzen. In plaats van verschillen te bevestigen, leidt cognitief elitisme tot de dominantie van het ene volk tot ontzetting van het andere. In plaats van het recht aan alle volkeren toe te kennen om hun eigen etnische identiteit en cultuur te belijden zoals de etnopluralistische ideologie van de Nouveau Droite doet, valt het terug op een soort blank suprematisme waarin het gegeven dat blanken een hoger IQ hebben het rechtvaardigt om andere culturen te vernietigen. Dit lijkt erg op het Victoriaanse sociaal Darwinisme dat gebruikt werd om het Britse imperium te rechtvaardigen. Hoewel sommigen dit zullen zien als het hoogtepunt van de Europese beschaving, moeten we het zien voor wat het is: een periode van uitbuiting, van zowel de gekoloniseerde volkeren als de arme en werkende klasse van de koloniserende naties zelf. Dit leidde tot de globalisering van de samenleving en de opkomst van het internationale kapitalisme als het dominante economische paradigma dat ons ook nu nog plaagt. Dit soort Victoriaans redeneren vindt nog steeds weerklank in de economische theorieën van Altrechts.

Een van de grootste fouten van Amerikaans Altrechts was dat het ze ontbrak aan een kritiek op het kapitalistische systeem. Het wordt gezien als gewoon een systeem, fouten worden simpelweg genegeerd of op een andere raciale groep geprojecteerd. In Darwiniaanse traditie zullen ze stellen dat mensen met een hoger IQ meer verdienen en dat naties met een gemiddeld hoger IQ meer verdienen, ergo de rijken verdienen alles wat ze hebben. Pogingen tot herverdeling worden afgedaan als “dysgenetisch”, zelfs als de overgrote meerderheid van hardwerkende, patriottische mensen er bij zou winnen. Zelfs een terugkeer naar zelfs de meest milde verzorgingsstaat, zoals die van Eisenhowers Amerika (een periode waar door velen nostalgisch op terug gekeken wordt vanwege de sociale waarden) zou worden afgewezen. Desondanks wordt de periode van blanke Europese dominantie van het kapitalisme gezien als symbool voor Europese trots en het hoogtepunt van de Europese beschaving. Ze zien het lijden van de overgrote meerderheid van de blanke bevolking onder het kapitalisme van voor de opkomst van de verzorgingsstaat (zoals opgetekend door schrijvers als Charles Dickens, Jack London, Upton Sinclair, of Louis-Ferdinand Céline) als iets terechts of futiels. Als ze er al überhaupt over na denken of bij stil staan.

Verder leidt deze combinatie van IQ-fetisjisme en marktdenken tot een ingewikkelde en tegenstrijdige verdediging van nationale grenzen. De Amerikaanse Altrechts betoogt dat immigrantengemeenschappen van landen met laag-IQ voor de verzorgingsstaat pleiten: daarom vinden zij dat de grenzen gecontroleerd moeten worden om het kapitalisme te redden. Deze analyse faalt op alle niveaus. Allereerst zijn het de kapitalisten die zowel legaal als illegaal immigranten binnenhalen om de lonen van de inheemse arbeider te drukken. De grootste weerstand tegen voorstellen om de grenzen te sluiten en immigratie te beperken komt vanuit de kapitalistische klasse zelf. De leiders van bekende bedrijven zoals Amazon, eBay, Google, PayPal, en Yahoo staan vooraan om het congres ervan te overtuigen dat er wetten moeten worden aangenomen die meer immigratie mogelijk maken. Zoals de vooraanstaande Europese Nieuw Rechtse denker Alain de Benoist stelde in zijn klassieke essay “Immigratie: Het reserveleger van het kapitaal”: “Wie kapitalisme bekritiseert, maar ondertussen immigratie waar de werkende klasse als eerste het slachtoffer van is goedkeurt, kan beter zijn mond houden. Wie immigratie bekritiseert maar ondertussen stil blijft over kapitalisme moet hetzelfde doen.” Kapitalisme en massa immigratie zijn twee zijden van dezelfde munt.

Ze snappen niet dat kapitalisme geen grenzen accepteert, niet fysiek, noch mentaal, als het gaat om het nastreven van winst. Als de natiestaat, de traditionele familie of religie in de weg staat, dan wordt deze afgeschaft. Om Alain de Benoist te citeren: “Ze snappen nog steeds niet dat kapitalisme inherent globalistisch is, omdat het de afschaffing van grenzen nodig heeft (Laissez faire, laisser passer!). Vanwege de noodzaak tot grenzeloosheid kan het niet bestaan zonder constant sociale relaties te revolutionaliseren, of nationale identiteiten als obstakels te zien voor de expansie van de geglobaliseerde markt. Het antropologische model dat het draagt te weten; die van een individu die altijd zoekt naar maximalisatie van zijn eigen belang, is net zo goed onderdeel van economisch als van maatschappelijk liberalisme. De axioma’s van rente en de machinerie van winst zijn de fundamenten van de dictatuur van burgerlijke waarden.”

Het was onder het kapitalisme en niet het socialisme dat feminisme, multiculturalisme, gendertheorie en seksuele bevrijding hun meest potente expressies vonden. In plaats van dit gegeven gewoon te erkennen, gooit Altrechts het steeds op de theorie van het “Cultureel Marxisme”.

“Cultureel Marxisme” kan veel dingen betekenen. In een extreme interpretatie staat het voor de samenzweringstheorie dat de Sovjets verschillende overheden, academische en corporate lichamen overgenomen hebben om de morele waarden van een samenleving te verzwakken. Dit teneinde het klaar te maken voor een Sovjetrevolutie. In andere zin verwijst de term naar de invloed van de denkers van de Frankfurter Schule op de samenleving. We kunnen het eerste gemakkelijk verwerpen, aangezien zaken als homoseksualiteit zwaar gestraft werden in de Sovjet-Unie en dat na een korte fase van seksuele bevrijding Stalin hard ingreep tegen morele laksheid, scheidingen en abortussen. In het Oostblok werd de hippiebeweging voor zover deze al bestond met argusogen bekeken en onderdrukt vanwege zijn Amerikaanse wortels. De oorsprong van deze samenzweringstheorie kan herleid worden tot de getuigenissen van de Sovjet overloper Yuri Bezmenov, die een bekend figuur werd binnen Amerikaanse anti-Communistische kringen, waar hij spreekgeld kreeg om te herhalen wat ze al lang geloofden. Vreemd genoeg neemt Altrechts hier dus beweringen over van een immigrant die een niche rol vervult binnen de Amerikaanse politieke marktplaats. Echter, in tegenspraak met zijn verklaringen was het niet de KGB, maar juist de CIA die moderne kunst steunde om het hoofd te bieden aan het klassiek-geïnspireerde “socialistisch realisme” van de USSR. De Amerikaanse radicaal Gloria Steinem werd door hen ingehuurd om dit doel te realiseren. Ja, de CIA verwelkomde veel anti-Stalinistische Communisten in zijn “Congress for Cultural Freedom”, welke in de jaren ’50 werd opgericht om linksen tot een anti-Sovjet standpunt te bewegen. Ook moeten we erop wijzen dat veel van de figuren van de Frankfurter school die de schuld van “Cultureel Marxisme” krijgen door minder samenzweringsgerichte figuren, na hun vlucht voor het nazisme onderdak in de VS vonden en niet in de USSR.

De Frankfurter Schule wordt gezien als een van de grootste bastions voor de ontwikkeling van de Freud-Marxistische ideologie. Dat geldt met name voor vooraanstaand lid Herbert Marcuse. Een ander is de Duits-Joodse denker Wilhelm Reich, die onderdak in de VS vond nadat hij in Nazi Duitsland vervolgd werd. In het boek van Marcuse: “Eros and Civilization” wordt de seksuele bevrijding gemixt met ideeën over bevrijding van economische vervreemding. Marcuse past hierbij echter de fundamentele basis van het Marxisme aan. De geschiedenis wordt niet langer in termen van klassenstrijd uitgelegd, maar als een strijd tegen onderdrukking, met het moderne kapitalisme als het meest repressieve type samenleving van allen. Deze afwijking van klassiek Marxisme laat zien waarom het werk van de Frankfurter school niet verwelkomd werd in de USSR. In plaats van een socialisme waar individuele verlangens ondergeschikt werden gemaakt aan de doelen van de centrale planning ten gunste van de natie, pleitte hij voor de volledige bevrijding van alle menselijke verlangens. Deze kritiek vond veel weerklank op de Amerikaanse universiteiten en beïnvloedde de radicalen van de jaren ’60, die een revolutie “van rock ‘n’ roll, dope en neuken in de straat” (John Sinclair) wensten. Deze ideologie van volledige zintuiglijke bevrediging werd compleet geabsorbeerd door het kapitalisme. Ontucht in muziek, films en TV paste perfect in de koffers van de grote mediaconcerns en een opkomende porno-industrie. Sterker nog, deze ideologie paste perfect bij het kapitalisme: de klant heeft altijd gelijk en hedonistische verlangens worden consumentenkeuzes die door de markt bevredigd moeten worden. Zeker de ideologie van onbegrensde menselijke verlangens leidde tot gigantische nieuwe terreinen voor het kapitalisme om uit te buiten.

Verder had de radicale nieuw linkse ideologie een kwaadaardig effect op centrum-links, die hoewel deze geenszins Marxistisch was, wel in het klassieke domein werkte van de klasse-geïnspireerde politiek van een grotere verzorgingsstaat en arbeidersrechten. Door zich niet meer druk te maken over de zorgen van de gemiddelde arbeider, heeft centrum-links steeds meer ideologieën zoals feminisme, pro-immigratie standpunten en homobevrijding geadopteerd. Terwijl de werkende klasse het steeds moeilijker krijgt en traditionele waarden vervallen, staat het kapitalisme sterker dan ooit tevoren. Desalniettemin blijft Altrechts sterk toegewijd aan het kapitalisme. Dit ondanks alle kritieken op veel facetten van het kapitalisme vanuit traditionele Europese perspectieven die terug te herleiden zijn tot Aristoteles en de Oude Grieken, de kerk en Thomas Aquinas. Zelfs in de VS is er een langere traditie van conservatief antikapitalisme als we kijken naar figuren als Ezra Pound en Father Coughlin, dan van conservatieven die het kapitalisme aanmoedigen. Deze duidelijke tegenstellingen lijken bij de Altrechts nog niet echt te zijn doorgedrongen.

De onwillendheid van Altrechts om buiten het Amerikaanse kapitalistische perspectief te kijken zorgt voor bepaalde geopolitieke consequenties. Hoewel de Altrechts over het algemeen een iets minder oorlogshitserig standpunt heeft dan het mainstream Amerikaanse conservatisme (dat meestal op paleoconservatief isolationisme is gebaseerd), hanteren ze nog steeds de paranoïde Koude Oorlog retoriek ten opzichte van het socialisme. Positief is dat de toxische houding wat betreft Rusland iets gematigder is. Dit is echter vooral vanwege het autocratische leiderschap van Poetin, en niet gebaseerd op een serieuze kijk op zijn buitenlandse beleid. Desondanks is de Russofobie nog steeds niet verdwenen. Velen in het Altrechtse milieu zijn misleid door de Bandaristische propaganda die zich met de EU en de NAVO tegen Novorossiya keert. Verder is het Altrechtse standpunt met betrekking tot het socialisme in Zuid-Amerika er nog steeds een van vijandigheid en neokolonialisme. Figuren zoals Hugo Chavez en Juan Peron worden net als de socialistische ideologie gedemoniseerd. In plaats van het Amerikaanse neokoloniale kapitalisme rechtmatig als dader aan te merken worden eerdergenoemden aangewezen als verantwoordelijken voor de ontberingen die Zuid-Amerika ten deel vallen. Ze verheerlijken de CIA-pion Augusto Pinochet terwijl ze erover fantaseren “communisten” uit helikopters te gooien om het kapitalisme te redden. Dit is ronduit hypocriet voor een beweging die claimt nationalistisch te zijn: ze eren een man die de regering van zijn eigen land omverwierp met steun van een vreemde macht en die de genationaliseerde economie opengooide voor multinationale bedrijven die geen enkele loyaliteit aan het land hadden.

Hoewel Altrechts de meest flagrante pogingen van neoconservatieve natie-bouw en Amerikaans neokolonialisme in het Midden-Oosten verwerpen, hangen ze ondanks dit de theses aan van de “Botsing der Beschavingen” van Samuel Huntington. Deze reduceert de problemen in het Midden-Oosten tot een cultuurstrijd tussen Europa en de Islam. Deze theorie negeert daarbij compleet de rol die het Europese kolonialisme en het latere Zionistische en Amerikaanse neokolonialisme heeft gespeeld in het destabiliseren van de regio. De meeste moslims immigreren niet naar Europa omwille van de Jihad, maar omdat ze ontworteld zijn door het kapitalisme, kolonialisme en de oorlogen van het Westen. Tegelijkertijd worden ze hartelijk ontvangen als nieuwe arbeidskrachten door en voor Westerse kapitalisten. Dit leidt ertoe dat Altrechts figuren zoals Geert Wilders en bewegingen zoals de English Defence League steunen, die de Islam aanvallen zonder een woord te zeggen over Zionisme of kapitalisme. Op een perverse manier genieten ze van de lugubere verslagen over verkrachtingen en moorden door immigranten. Ze draaien echter symptomen en oorzaken om; immigratie wordt bekritiseerd, terwijl ze stil blijven over de Amerikaanse en Zionistische bemoeienissen in het Midden-Oosten. Sommigen (zeker niet allen) gaan zelfs zover om Israël voor te stellen als model van de etnische staat en het bastion van de Westerse beschaving tegen de Islam. Ze staan er echter geen moment bij stil wat “Westerse beschaving” vandaag de dag betekent. In hun strijd tegen de Islam omarmen ze feministen, homoseksuelen, liberalen en Zionisten, enkel omdat de Islam deze zaken die in het Westen een voedingsbodem vonden verwerpt. 

In dit geval is het goed om te kijken naar wat de radicale Italiaanse denker Giorgio Freda schreef aan deze nationalisten die de Europese beschaving willen verdedigen: “We spreken in termen van “Europese beschaving” zonder ook maar aan de oppervlakte van deze uitdrukking te komen en het te verifiëren. We moeten de diepte van dit probleem in gaan: als er in realiteit al zoiets als een homogene Europese beschaving bestaat, wat zijn dan de authentieke coëfficiënten van zijn betekenis in het licht van een mondiale historische situatie waarin de Latijns-Amerikaanse guerrilla veel dichter bij onze visie op de wereld staat dan de Spaanse vazal van de priesters en de VS; waarin het krijgsvolk van Noord-Vietnam, met een Spartaanse, sobere, heroïsche stijl veel dichter bij onze opvatting over het bestaan staan, dan de huidige Italiaanse, de Franse of Duitse burgers in het Westen; waarin de Palestijnse terrorist veel dichter bij onze dromen van wraak staat dan de verjoodste Engelsman (Europeaan? Ik betwijfel het).”

Door samen te spannen met neoconservatieve en Zionistische oorlogshitsers die menen “Westerse waarden” te moeten verdedigen, is Altrechts een bondgenootschap aangegaan met de meest toxische elementen binnen de Westerse beschaving; juist die elementen die het meest emblematisch zijn voor het culturele verval dat ze zo hekelen. Het is ronduit absurd dat Altrechts in plaats van het aanvallen van dit verval, ineens deze wil verdedigen zodra ze aangevallen worden door een andere cultuur. In plaats van de wortels van het probleem aan te pakken, vallen ze slechts de symptomen aan en creëren zo een draagvlak voor nog meer chaos in het Midden-Oosten en Europa.

Om het nog erger te maken worden deze Altrechtse posities geverbaliseerd op de meest onvolwassen en harde manieren die denkbaar zijn. De massale instroom van mensen uit online message boards zoals 4chan naar Altrechts heeft een drogreden gegeven aan het discours. In plaats van goed onderbouwde argumenten, wordt er vooral met memes en goedkope one-liners gecommuniceerd. In plaats van een idee over zwart nationalisme te ontwikkelen als hulpmiddel bij de bredere nationalistische strijd tegen het liberalisme, worden zwarten met de grootste en meest schandalige stereotypes weggezet. Politici die niet conservatief genoeg zouden zijn worden weggezet als “cucks” of “cuckservatives”, waarmee verwezen wordt naar de vrij Freudiaanse opvatting over seksueel “cuckoldry”. Met dezelfde smerige seksuele terminologie worden linksen weggezet als “dildos” en liberale overlopers als “pozzed”: een referentie naar het oplopen van HIV via anale seks. Natuurlijk spreekt dit rebellerende pubers aan. Dit leidt ertoe dat dit de grootste groep binnen Altrechts wordt, terwijl degenen die serieus boeken lezen en volledig onderbouwde ideeën uitdragen, steeds sneller een steeds kleinere minderheid worden. Geen enkele serieuze intellectueel kan zich vermaken met een ideologie die zich baseert op subculturele grapjes op internet, laat staan dat de overgrote meerderheid van het volk dat kan. Hoe kan een werkloze fabrieksarbeider wiens leven door globalisering en immigratie vernietigd is, denken dat de ideologie van een besloten internet-clique hem iets te bieden heeft? Het is lachwekkend dat Altrechts claimt de stem van het nationalistisch populisme te zijn. Als Altrechts al genoemd wordt in de mainstream media, dan wordt dit door liberalen als een stok gebruikt om de legitieme zorgen over globalisering en immigratie van werkende mensen te slaan, door hen te vereenzelvigen met een quixotische subcultuur. De lang genegeerde zorgen van patriottische, hardwerkende mensen verdienen veel betere vertegenwoordigers dan de onvolwassen puberkapitalisten die zich er druk over maken dat immigratie het neoliberalisme zou bedreigen.

Altrechts heeft erin gefaald om nieuwe en revolutionaire ideeën aan te dragen. In het ergste geval zullen ze de zaak van het nationalistisch populisme besmetten en een boeman worden voor liberalen om zorgen rond immigratie, nationale identiteit en globalisering te delegitimeren. We moeten onszelf de vraag stellen hoe we de kwaliteit van het discours kunnen verbeteren. Op een basaal niveau kan een dieper bewustzijn omtrent het ware nationalistisch populistische gedachtegoed een kentering te weeg brengen naar een nieuw nationalistisch populisme dat zowel het maatschappelijke als het economische liberalisme ter discussie stelt. Hierbij kunnen we refereren naar oude vakbondsleiders zoals Denis Kearney of de klassieke Amerikaanse socialist Jack London. We kunnen kijken naar figuren uit de jaren ’30, zoals Ezra Pound en Father Charles Coughlin, die tegen de renteslavernij streden. Verder kunnen we onze geest verbreden met de werken van nationalistische antikapitalisten, die we terugvinden in bewegingen zoals de Conservatieve Revolutie en de Nouveau Droite. We kunnen zelfs nationalistische analyses maken over bewegingen die normaal als links beschouwd worden om zo tot ideologische syntheses te komen. We kunnen zoeken naar overeenkomsten om ons draagvlak te vergroten onder linksen die zich ook bezighouden met zaken als nationale identiteit.

Tot slot moeten we serieuze bewegingen bouwen en denktanks ontwikkelen die in plaats van internetmemes serieuze ideeën ontwikkelen. We moeten buiten het systeem kijken en buiten de beperkingen van simplistisch Amerikaans conservatisme en het oprakelen van achterhaalde ideeën.

We moeten inzien dat het herstel van de nationale soevereiniteit betekent dat de economische controle weer bij de mensen komt te liggen, en niet bij de multinationals of de grote zakenlieden die naar een belastingparadijs kunnen vluchten. We moeten werkelijk revolutionair worden, onverzettelijk. We moeten de moed ontwikkelen om kunstmatige ideologische barrières die door de heersende klasse zijn opgelegd, te doorbreken, de moed vinden om de afgrond over te steken en de bereidheid vinden om ons met werkelijk radicale ideeën bezig te houden. De bevrijding van de natie is geen gemakkelijke taak. Het is een taak die immense opofferingen zal vergen, een Spartaanse discipline en een veronachtzaming van de conventionele politiek. Zeker, er zullen tegenstemmers zijn die tevreden zullen zijn om op de laatste electorale bandwagon te springen in de hoop dat ze onze problemen kunnen wegwuiven met wetgeving. Er zullen massa’s verbijsterde ideologen zijn die verstrikt zijn geraakt in de valse dichotomieën van het systeem en die met onsamenhangende woede zullen reageren wanneer de ideologische grenzen vervagen. Onze grote taak is aangebroken en we zullen ons niet van de wijs laten brengen.

Eugene Montsalvat – vrij vertaald door Mark Druhtman

4 COMMENTS

  1. Eens met de “IQ is niet alleszeggend en zaligmakend” teneur van dit artikel. Het betreft hier een noodzakelijk maar zeker geen voldoende ingrediënt.

    Dat we weinig hoeven te verwachten van het systeem voor de redding van ons Boreale volkslichaam, zoals de schrijver stelt, ook mee eens.

    De kille systeemgeest die ons volkslichaam overheerst en stelt dat we te reduceren zijn tot volledig berekenbare consumptiemachines moet inderdaad te niet worden gedaan. Het artikel biedt naar mijn idee hiervoor te weinig concrete richtlijnen. De schrijver had de situatie als volgt scherper kunnen stellen. Iedere systeemgeest komt voort uit Abrahamitische mentaliteit. De enige uitweg uit het systeem is een meer natuurreligieuze mindset stimuleren waar spontaniteit en groei vanuit onszelf als vanzelf centraal staan. Breken met Abrahamisme is net als voldoende IQ evenzeer noodzakelijk. Ieder poging om volledig te willen zijn is overigens Abrahamitisch, dus daar verspil ik maar geen kostbare energie aan. Besteed je energie aan de groei van een gezond weerbaar Boreaal volkslichaam zou ik zeggen.

  2. De auteur, Eugene Montsalvat, zal ongetwijfeld een lid zijn van het “Joodse ras van de ziel”, om in zijn onzin terminologie te blijven.
    Hij geeft doelbewust geen omschrijving van Alt-Right, maar van Alt-Light, wat de verkoosjerde versie is van Alt-Right met het doel om verdeeldheid te zaaien.

    Alt-Right laat zich eenvoudig definiëren aan de hand van ‘vier pilaren’
    – de joodse kwestie
    – ras realisme
    – blank nationalisme
    – nogmaals, de joodse kwestie. Uiteindelijk is dat het enige punt waar alles om draait.

    Neem bijvoorbeeld de Frankfurter Schule, de grondlegger van het Cultureel-Marxisme dat een voorname bron is van de degeneratie van onze maatschappij.
    De grondleggers van deze ‘school’ waren vrijwel allemaal joden. De auteur verzwijgt dit feit en daarmee dient zijn hele betoog hierover geen enkel ander doel dan zand in onze ogen strooien.
    De auteur gaat zelfs zover dat hij de Europese beschaving ontkent.
    Hij gaat zelfs zo ver dat hij Zionisten als Wilders in het kamp van Alt-Right schuift.
    De auteur is de ideoloog die valse dichotomieën beschrijft om ons weg te houden van de werkelijke problemen.

    • Die onzin komt niet van hem, maar van Julius Evola (geen jood, maar een Italiaan btw). Het zou wel verklaren waarom de grootste groep voorvechters van de joodse zaak niet eens etnisch joods zijn, maar uit (etnisch) roomblanke verjoodste christenen bestaat. Die zijn zeker van het joodse ras van de ziel (of liever: hebben hun ziel aan de joden verkocht). Net als hun paradepaardjes Trump en Baudet overigens. Als die verjoodste Westerse liberale clownworld van nu representatief moet zijn voor de “Europese beschaving”, dan kunnen we er maar beter mee op houden.

  3. Terry,
    We zijn toch juist hier om ‘die verjoodste Westerse liberale clownworld van nu’ om te vormen tot een cultuur om weer trots op te zijn.
    Zodat onze kinderen trots zullen zeggen: Onze ouders hebben een verjoodst en gedegenereerd land in verval weten om te buigen in een land met een trotse bevolking en een hoogwaardige cultuur.
    Die ombouw zal niet makkelijk zijn, maar wel noodzakelijk.

Comments are closed.